Informatie over en/of verwijzingen naar opvoeding en puberteit
"Kinderen zijn reizigers, pas gearriveerd in een vreemd land, waar ze niets weten."
De Nederlandse taal kent twee woorden voor jongeren tussen ongeveer 11 en 19 jaar: "tiener" en "puber". Hoewel de "tiener" de laatste jaren wat uit de mode is geraakt, denken de meeste mensen bij dat woord nog aan een vrolijk kind dat enthousiast op zoek is naar grenzen en mogelijkheden en dat geniet van een tamelijk zorgeloos bestaan. De "puber" wordt eerder geassocieerd met een wat zwaarmoedig en problematisch kind dat piekert over puistjes en over de zin of onzin van het bestaan. De woorden roepen dus beelden op die haaks op elkaar staan maar die, wat pubers betreft, twee kanten zijn van dezelfde medaille. Een puber is af en toe een tiener en andersom; jongeren in deze leeftijdsperiode zijn zo wisselvallig als het weer en hun opvoeders weten daarover mee te praten.
Wilt u het hele artikel lezen, klik dan hier.
Internet
Voor verdere informatie kijk eventueel op:
